Operatie
Pre-operatieve screening
Als u een operatie moet ondergaan, vindt er eerst een pre-operatieve screening (POS) plaats. Tijdens deze screening worden gegevens verzameld die van belang zijn voor de operatie, zoals lichaamsconditie, medicijngebruik, bloeddruk etc.
Eerst krijgt u van de spreekuurassistente een vragenformulier om in te vullen. Vervolgens meet zij uw lengte, gewicht, bloeddruk en de snelheid van uw hartslag. Een anesthesist bespreekt daarna uw lichamelijke conditie met u. Hij vraagt of en wat voor medicijnen u gebruikt. Een lichamelijk onderzoek is ook mogelijk. De anesthesist vertelt of u tijdens de operatie plaatselijke of volledige verdoving krijgt. Als u op de afdeling Dagverpleging of op de Short Stay (kort verblijf) terechtkomt, vertelt een verpleegkundige van die afdeling tot slot wat u kunt verwachten.
De anesthesist bepaalt of verder onderzoek nodig is. Bijvoorbeeld een bloedonderzoek, een ECG (hartfilmpje) of een röntgenonderzoek. Het kan ook zijn dat u naar een andere specialist wordt verwezen. Bijvoorbeeld een cardioloog, een internist of een longarts. De spreekuurassistente maakt dan voor u een afspraak.
Als uw operatie binnen acht weken plaatsvindt, kunt u na uw bezoek aan de polikliniek meteen door naar de POS-balie. Dat scheelt een extra bezoek aan het ziekenhuis. U mag bij de POS-balie ook een afspraak maken voor een later tijdstip. Als de wachttijd voor uw operatie langer is dan acht weken, maakt u bij de POS-balie een afspraak voor later.
Voor de operatie
Voor de operatie krijgt u op de afdeling u een operatiehemd aan. Sieraden en contactlenzen moet u uitdoen. Make-up en nagellak dient u te verwijderen. De plek van operatie wordt indien nodig geschoren en u krijgt eventueel medicijnen om rustig te worden. Vervolgens brengt een verpleegkundige u naar de operatieafdeling. Uw medische status, het verpleegkundig dossier, eventuele medicijnen en uw ponsplaatje gaan ook mee.
De receptionist(e) zorgt voor alle transporten van en naar het operatiecomplex. De verpleegkundige draagt u met uw dossiers over aan de receptionist(e) van de operatieafdeling. Daarbij meldt zij uw naam en de reden van uw komst. U komt aan in het bed van de afdeling waar u verblijft. Vandaar uit komt u op de operatietafel. Na de operatie komt u in een schoon afdelingsbed te liggen.
De voorbereidingsruimte grenst direct aan de operatiekamer. Er staat apparatuur dat het team van de anesthesie gebruikt om u voor te bereiden op de operatie. In de ruimte maakt u kennis met de anesthesie-assistent en de anesthesist.
Tijdens de voorbereiding worden nogmaals uw identiteit en de geplande operatie gecheckt. Verder krijgt u een infuus en worden uw bloeddruk en uw polsslag gemeten. Verdere voorbereidingen hangen af van de soort anesthesie die u krijgt en van de ingreep. Vanuit de voorbereidingsruimte komt u in de operatiekamer.
Tijdens de operatie
In de operatiekamer neemt u plaats op de operatietafel, waarna de anesthesie-apparatuur wordt aangesloten.
In de laatste fase van de operatie begint de anesthesist met de zogenaamde uitleiding. Zo kunt u aan het einde van de operatie weer op eigen kracht ademen. Ook kijkt hij of alle vitale functies en reflexen in orde zijn en of u aanspreekbaar bent. Vervolgens zorgen verpleegkundigen voor u op de verkoeverkamer.
Na de operatie
Vanaf de operatietafel gaat u in een schoon bed naar de verkoeverkamer. Opnieuw komt u aan allerlei apparatuur te liggen om uw lichaamsfuncties te controleren.
Het kan zijn dat u zuurstof krijgt via een plastic kapje of via een neusslangetje. Speciaal opgeleide verpleegkundigen houden u voortdurend in de gaten. Zij overleggen direct met de anesthesist over eventuele maatregelen die ze moeten uitvoeren. Alle controles die nodig zijn na de operatie vinden eveneens in de verkoeverkamer plaats.
Als uw toestand stabiel is, roept de verkoeververpleegkundige een verpleegkundige van de verpleegafdeling op om naar de operatieafdeling te komen. Voordat u teruggaat neemt de afdelingsverpleegkundige met haar collega van de verkoeverkamer door wat er nog moet gebeuren. Zonodig gaat u naar de intensive care.
Hygiëne
Het complex operatiekamers ligt geïsoleerd binnen het ziekenhuis. De afdeling is met opzet moeilijk toegankelijk om de omgeving in het complex te controleren en te beheersen. Dit betekent dat alles dat het OKC in- en uitgaat, zowel mensen als goederen, aan bepaalde regels moet voldoen.
Om te zorgen dat de OK vrij blijft van bacteriën, heeft het complex makkelijk te reinigen vloeren en wanden. Kleine stofdeeltjes kunnen veel bacteriën bevatten. Overdrukventilatie van gefilterde lucht zorgt voor een gunstig klimaat. Hierdoor is de kans op infectie en/of besmetting erg klein.
Goede hygiëne gaat gepaard met bepaalde gedrags- en kledingsvoorschriften. Voordat medewerkers de operatiekamer binnengaan, kleden zij zich om in de kleedkamer. De outfit bestaat uit een hes en een broek met sluitende manchetten. Daarnaast dragen zij schoeisel dat makkelijk is schoon te maken. Een muts of pet maken de uitrusting compleet.
Wanneer medewerkers de operatiekamer binnengaan, is het gebruikelijk dat ze een masker voor neus en mond doen. Zo voorkomen zij dat speekseldruppeltjes in de lucht komen en een wond besmetten. De leden van het operatieteam die direct aan de operatietafel staan (met uitzondering van de anesthesiemedewerkers) dragen bovendien een steriele operatiejas en steriele handschoenen.
